Stichting TANA

 

Stichting TANA


PRE-VOCATIONAL TRAJECTEN


Alle beroepsopleidingen binnen TANA bestaan uit een pre-vocational fase, een basisfase en een leerwerkfase. De pre-vocational is een belangrijke startfase en fungeert als een trechtermodel. De stichting wil zoveel mogelijk jonge voortijdige schoolverlaters de kans bieden om een beroepsopleiding te volgen. Het instroomniveau varieert van de eerste klas van het voortgezet onderwijs (VOJ) tot de eerste klas van het middelbaar onderwijs (VOS). Om cognitieve verschillen binnen een groepte verkleinen wordt gedifferentieerd naar een basisgroep en een plusgroep.

De pre-vocational fase duurt 10 weken en vindt dagelijks plaats tussen 8.00 uur en 13.00 uur.

TANA biedt in deze fase de volgende vakken:
 Beroepsgericht wiskunde
 Beroepsgericht taal (Nederlands)
 Basic life Skills (Sociale Vaardigheden)
 Communicatie
 Computervaardigheden (COVA)

 Specifieke aanvullende vakken:
 Safety Skills (Automontage, Elektromontage)
 Omgangskunde (verpleging)
 Inleiding in de thuiszorg (thuiszorg)

Naast de cognitieve en de sociale vakken wil TANA de cursist verder vormen door het bieden van voorlichtingspresentaties. Voorlichting over onderwerpen als seksualiteit, drugs en alcohol is belangrijk.

TANA speelt in op het aanleren van belangrijke vaardigheden als keuzes maken, beslissingen nemen, verantwoording dragen, omgang met emoties (woede), zelfbeheersing, inzicht in vooroordelen en het inschatten van risico’s. Organisaties als Anti-narcoticabrigade, Bureau Alcohol en Drugs, Stichting Lobi en stichting Mamio Namen leveren door hun interactieve presentaties op TANA een belangrijke bijdrage in de bewustwording van de jongere op genoemde gebieden.

Een ander onderdeel betreft zelfstandig werken. Jongeren maken zelfstandig verschillende opdrachten op verschillende vakgebieden. Trainers constateren in hoeverre de leerstof geϊnternaliseerd is en welke aspecten meer uitleg behoeven. Zij werken als coach om de jongeren te motiveren om zelfstandig maar ook samen te werken. De bevindingen worden doorgespeeld aan de desbetreffende docenten.

Tijdens elke opleiding vindt er een workshop plaats op Zanderij I. De groep verblijft samen met de trainers drie dagen buiten de stad. Drie dagen workshop waarbij de jongere zichzelf, zijn omgeving en zijn mogelijkheden ontdekt. Centraal staat het groepsdynamisch werken met jongeren om de groepsbinding te versterken en de onderlinge samenwerking te vergroten.

Er wordt veel aandacht besteed aan de begeleiding. Elke cursist is gekoppeld aan een mentor. De thuissituatie valt niet uit te sluiten wanneer je de cursist effectief wil begeleiden. De cursist woont in een bepaalde situatie, waar ouders of familieleden ook een invloed kunnen uitoefenen op zijn gedrag. Op TANA vinden er contactavonden plaats waar ouders, familieleden en verzorgers kunnen spreken met de trainers van TANA over hun kind. We hebben gemerkt dat de doelgroep bijna geen deel uitmaakt van een gezin bestaande uit vader, moeder en kinderen. Veelal woont de cursist in bij zijn moeder of bij familieleden (tante, oma). De participatie van de ouder en de familie is van vitaal belang voor succesvolle resultaten. Er worden tijdens het traject daarom diverse contactavonden georganiseerd om de vorderingen van de cursist te bespreken.

Afronding pre-vocational training
Na de tien weken training komt het pre-voc team bij elkaar voor een evaluatie van de groep. Er wordt gekeken naar het verzuim, de leerprestaties en vooral de attitude (beroepshouding) van de cursist. Besloten wordt of een jongere door kan gaan naar de volgende fase; het leerwerktraject die aansluitend plaatsvindt. Soms komt het voor dat een jongere nog niet rijp is voor de volgende fase. Deze cursist wordt verwezen naar de orthopedagoge van TANA. Er volgt een begeleidingstraject om later in een volgend opleidingstraject in te stromen.

 

Stichting TANA

 

Copyright © 2006 Stichting TANA. Alle rechten voorbehouden